TW12 A2 Flashcards Preview

Thematische woordenschat > TW12 A2 > Flashcards

Flashcards in TW12 A2 Deck (47):
1

Picasso leefde voor de …

kunst

2

Picasso is een …

kunstenaar

3

Heb je ooit al een cartoon van jezelf laten … ?

tekenen

4

schilderen = …

verven

5

In dit museum hangen veel … van Picasso en er staan ook veel mooie …

schilderijen (...) standbeelden

6

Het MAS is een …

museum

7

Vanavond vindt er een … van Nederlandse kunstenaars uit de 17e eeuw plaats.

tentoonstelling

8

Het moment waarop iets opengaat, dat is de ...

opening

9

De ruimte waar een kunstenaar werkt = …

het atelier

10

moderne muziek >

klassieke muziek

11

Wat zijn de tijden van KLINKEN?

klonk, geklonken

12

Ik houd ervan als zij praat; ze heeft zo’n aangename … om naar te luisteren.

stem

13

Vanavond … Bruno Mars … in het Sportpaleis.

treedt (Bruno Mars) op

14

de piano, de blokfluit, de gitaar, de viool, … = …

muziekinstrumenten

15

het optreden = …

het concert

16

Elisa kan zingen op heel hoge …

toon

17

Hij zingt zo … . Elke toon was perfect.

zuiver

18

het … van de muziek = wisselen van accenten in muziek

ritme

19

Op de radio was er een … over de diefstal.

nieuwsbericht

20

Wat zijn de tijden van VERZINNEN?

verzon, verzonnen

21

de auteur = …

de schrijver

22

Wie is jouw favoriete … in het boek Harry Potter?

personage

23

Ik heb het boek lang geleden gelezen en ik weet niet meer juist waar het over gaat. Ik ben de … vergeten.

inhoud

24

‘John is zo sterk als een leeuw’ is een …

vergelijking

25

Waar leg ik het … in het woord ‘computer’?

accent

26

Romeo & Juliette is een … van William Shakespeare.

toneelstuk

27

Romeo & Juliette is een … want ze gaan op het einde allebei dood.

drama

28

Als ik zou mogen kiezen, zou ik de … van die actrice willen spelen.

rol

29

Ik vind zinnen … van het Frans naar het Nederlands echt moeilijk.

vertalen

30

het doel van iets, de rol van iets = de ...

functie

31

Wat zijn de tijden van BESCHRIJVEN?

beschreef, beschreven

32

uitleggen = …

verklaren

33

Als je niet snel tevreden bent en fouten zoekt, ben je …

kritisch

34

Wat zijn de tijden van BESPREKEN?

besprak, besproken

35

Iets korts wat iemand meedeelt: een gedachte, een kritiek = …

de opmerking

36

Als je een bepaalde mening hebt, dan neem je een bepaald … in.

standpunt

37

het thema = …

het onderwerp

38

een grap die niet grappig is = …

een flauwe grap

39

Ik hou niet van ... jongens; al die bloemen, kaarsen, hartjes en kusjes zeggen me echt niets.

romantische

40

iets wat werkelijk zo is = …

realistisch

41

de oorzaak van een verandering, dat wat iets of iemand beïnvloedt = …

de invloed

42

Hij wil me maar niet geloven! Ik krijg hem maar niet … van mijn gelijk!

overtuigd

43

het einde = …

het slot

44

de conclusie = …

het besluit

45

Hij heeft een heel rijke ... Elke week verzint hij wel een nieuw verhaal.

fantasie

46

de stemming = …

de sfeer

47

Hij ziet er altijd zo cool uit. Ik vind dat hij een leuke … heeft.

stijl