TW25 A1 Flashcards Preview

Thematische woordenschat > TW25 A1 > Flashcards

Flashcards in TW25 A1 Deck (28):
1

Wil je … kopje thee?

een

2

ik, jij, hij, zij, wij, …, zij.

jullie

3

Professor, ik zal … opbellen vanavond.

u

4

mijn = ….

m'n

5

Heb jij deze tekening … gemaakt?

zelf

6

Zie je … meisje daar?

dat

7

Zie je … meisje hier?

dit

8

elk = …

ieder

9

Je mag dat niet doen = … mag dat niet doen.

Men

10

een persoon = …

iemand

11

geen enkele persoon = …

niemand

12

beide = …

allebei

13

mekaar = …

elkaar

14

zulk = …

zo'n

15

ik hou van peper … zout.

en

16

Ik vind … jij mooi bent.

dat

17

Wil je koffie … thee? Ik wil thee!

of

18

… Pieter leest, danst Charlotte op tafel.

Terwijl

19

Julie is heel mooi, … ze is niet lief.

maar

20

Petra gaat elke dag naar school, … in het weekend.

behalve

21

Max gaat niet slapen,… hij niet moe is .

omdat

22

Max gaat niet slapen, ... hij is niet moe.

want

23

wanneer = …

als

24

… ik geld had, … zou ik naar Hawai gaan.

Als (...) dan (...)

25

Ik vind het een leuke stad, maar … wil ik er niet wonen.

toch

26

… iedereen aangekomen is, kan de les beginnen.

Nu

27

… ik klaar ben, kom ik naar jou!

Zodra

28

Je kunt een beurs krijgen op … … je goede punten haalt.

(op) voorwaarde dat