Inf&Imm_H21 (D8) Flashcards

(21 cards)

1
Q

3 manieren waarop tumoren de immuunrespons ontwijken

A
  • Geen actie door aangeboren IS
  • Verminderde expressie van MHC
  • Mutaties
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Geen actie door het aangeboren IS

A
  • Tumoren produceren zelden gevaarsignalen (cytokines)
  • Tumoren activeren het aangeboren IS niet rechtstreeks via TLRs of PRRs
  • dus: het aangeboren IS zal tumoren meestal niet proberen doden en dus ook het adaptieve IS waarschuwen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Minder expressie van MHC

A
  • T-cellen kunnen die antigenen niet herkennen dan
  • NK-cellen kunnen wel dat lage niveau van expressie detecteren
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

mutaties

A
  • mutaties laten toe dat tumorcellen aan het IS kunnen ontsnappen
  • dat celtype krijgt dan een selectief voordeel
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

2 soorten immunotherapie

A
  • actief
  • passief
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

passieve immunotherapie

A
  • Toediening van antilichamen die gericht zijn tegen tumorcellen. (meestal monoklonale antilichamen)
  • Het lichaam hoeft geen immuunreactie op te bouwen.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

voorbeeld passieve immunotherapie

A
  • rituximab (mabthera)
  • Daratumumab (darzalex)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

merknaam rituximab

A

mabthera

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

actieve immunotherapie

A
  • IS van de patiënt wordt geactiveerd om tegen de tumor te reageren
  • kan een levenslange afweerreactie opwekken
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

voorbeeld actieve immunotherapie

A
  • Immuun checkpoint inhibitoren
  • Vaccins
  • IS stimuleren
  • Stimulatie van TLRs
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

effecten van monoklonale antilichamen tegen tumoren

A
  • activatie complementsysteem
  • binden aan Fc-receptoren op NK-cellen => ADCC (antilichaam afhankelijke cellulaire cytotoxiciteit)
  • toxine afleveren aan tumorcel
  • blokkade/activatie van tumorantigenen gekoppeld aan signaalroutes (bv. blokkade van een GF receptor)
  • blokkade van VEGF en zijn receptor => verminderde bloedtoevoer naar tumor
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

werking rituximab

A

binden aan CD20 op B-cellen => apoptose

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

werking daratumumab

A
  • activatie complement
  • anti-CD38
  • ADCC door NK-cel (binden aan Fc-receptor NK-cel)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

basismechanisme van actieve kankerimmunotherapie

A

tolerantiemechanismen doorbreken door:
Stimulatie van TLRs => activatie aangeboren IS

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

voorbeelden voor stimulatie van TLR

A

BCG bij blaaskanker

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Hoezo kan een CTL vaak niet reageren op een tumorantigeen gepresenteerd door MHC-klasse I

A
  • De CTL herkent het antigeen
  • Geen activatie van de TCL want CTLA-4 onderdrukt de respons
17
Q

Hoe kan ervoor gezorgd worden dat T-cellen wel gaan reageren op die tumorcellen

A
  • Toedienen van TLR-ligand die gaat zorgen voor secretie van cytokinen
  • een bepaalde immunotherapie zorgt voor verandering van CTLA-4 naar CD28
18
Q

Hoe kan het aantal T-cellen die reageren op tumoren verhoogd worden

A
  • TIL wordt uit tumor geïsoleerd
  • buiten het lichaam worden ze geactiveerd met cytokines => ze gaan zich vermenigvuldigen
  • ze worden via een infuus teruggegeven
19
Q

Hoe het aantal T-cellen met specifieke TCRs verhogen

A
  • T-cellen uit bloed van patiënt isoleren en deze genetisch manipuleren.
  • Ook activeren met cytokines voor teruggeven
20
Q

voorbeeld immuuncheckpoint-inhibitoren

A

CTLA-4 inhibitoren

21
Q

voorbeelden stimulatie van het IS

A
  • IMIDs: immuunmodulatoire middelen
  • CAR-T-cellen